De Geschiedenis van de "Cercle Royal du Parc"

I.    Heerenhuis in de "du Parc" doodlopende straat

 

Op 8 februari 1842 vond de eerste Algemene Ledenvergadering van de "Cercle" plaats in de salon van een gehuurd heerenhuis op de hoek van de Koningsstraat en de "du Parc" doodlopende straat in de omgeving van het Leuvenseplein.

 

Gebouwd in 1778 was dit huis eigendom van dokter Varlez. De ligging in de "du Parc" doodlopende straat die later de Koloniënstraat zou worden en waarlangs men binnenkwam, gaf er uiteindelijk de naam aan: "Cercle du Parc".

 

Van een bescheiden omvang, maar nochtans fraai met een voorgevel naar het voorbeeld van het ertegenover liggende heerenhuis van de Prinsen de Ligne, leende het zich uitstekend voor de bijeenkomsten van een sociëteit die pas aan het begin van zijn bestaan stond.

 

De plaats was in trek: sinds een aantal jaren verliet inderdaad de gegoede stand de benedenstad om zich te vestigen, eerst in de omgeving van het Koninklijk Park, waarvan de aanleg dateerde uit 1785, en vervolgens, tegen 1840, in de nieuwe Leopold Wijk die zich ontwikkelde buiten de oude stadsmuren.

 

De nieuwe "Cercle" was, naar het schijnt, een afsplitsing van de "Cercle de l'Union": vele leden van deze laatste sociëteit vindt men inderdaad terug op de ledenlijst van de "Cercle du Parc". Bijna allen behoorden tot de adel van het land, maar ook tot het dipomatenkorps, of bekleedden hoge civiele en militaire ambten. Men ontmoette er eveneens enkele buitenlanders.

 

II.  Heerenhuis aan de Kunstlaan

 

Gedurende 25 jaar koesterde de "Cercle du Parc" zich in zijn gehuurde gebouw dat "le local" werd genoemd. Vanaf 1853 openbaart zich echter de wens tot het verwerven van iets met meer ruimte. Met dat doel voor ogen werd in 1867 een civiele vennootschap opgericht die het mogelijk moest maken om over te gaan, hetzij tot de aankoop van een terrein waarop zou worden gebouwd, hetzij tot verkrijging van een heerenhuis dat zou voldoen aan hetgeen de "Cercle" nodig had. Tegelijkertijd verkocht dokter Varlez het voormalige "local".

 

Om het oude "local" te vervangen viel de aandacht op het "Hôtel de Blommaert" aan de Kunstlaan.

Hiervoor werden 350.000 franken geboden en "ondanks dit royale aanbod", volgens de woorden van Baron de Vinck zelf, weigerde de eigenaar dit om tenslotte een bedrag te aanvaarden van 370.000 franken. Met de kosten verbonden aan de koopacte en aan de aanschaf van meubilair kostte het geheel meer dan 420.000 franken. Dit bedrag werd gefinancierd door een aandelenuitgifte en 213 aandelen werden toegekend aan de "membres fondateurs" waarvan in die periode het aantal toenam van 59 naar 110.Onder deze bevond zich de Graaf van Vlaanderen die op 30 december 1867 het nieuwe gebouw inhuldigde. Bij die gelegenheid bood de Prins de Ligne hem een exemplaar van het regelement van de "Cercle", gedrukt op fijn papier en rijkelijk in leer gebonden.

 

Het is heel moeilijk om de essentie van een club te beschrijven die geen ander doel heeft dan het onderhouden van maatschappellijke betrekkingen en waar het past om elke zorg van zakelijke aard achterwege te laten. Verbonden door een gemeenschappellijke sociale en ook geestelijke oorsprong, gaven deze heeren zich ongetwijfeld over aan de kunst van de conversatie, vaak serieus, soms lichtzinnig en waarin vroeger de paardenrennen in Bosvoorde of in Groenendael overheersten en altijd de jacht. Er werd ook gespeeld en vooral bridge. De gewoontes hebben zonder meer een ontwikkeling doorgemaakt, maar de regels zijn dezelfde gebleven: het is verplicht om in de "Cercle" op een correcte wijze te zijn gekleed. Voorheen betraden de heeren de sociëteit slechts met een zijden hoed; sommigen bewaarden deze om goed te laten merken dat zij zich thuis voelden: anderen legden hun hoge hoed op zwart gelakte tafels waarvan de hedendaagse club nog enige exemplaren heeft bewaard. S'avonds kleedde men zich in rok en later in smoking. In de salons trof men vooraanstaande buitenlanders, diplomaten, politici in een bedekte en beleefde atmosfeer. Al naar gelang de nacht vorderde bracht een stijlvolle bediende whisky die slechts 50 centen kostte en een portie koude kip voor 2 franken !

 

Iets geheel anders vermeldenswaard is het bestaan van een armenkas, blijkbaar gefinancierd door het spel. En in zijn verslag over het jaar 1867 merkt Prins de Ligne, President, op dat, "aangezien "whist" is vervangen door het spel "écarté", de inkomsten van de armenkas voor het boekjaar 1867 minimaal waren". In 1865 bedroegen de inkomsten van deze armenkas 337,48 franken.

 

Vanzelfsprekend is de literatuur over het wereldje van de "Cercle du Parc" schaars. Zij bestaat uit enkele mondaine anecdotes zonder grote betekenis, maar er moet toch aan worden herinnerd dat het hier ook ging om diplomaten, ministers, gouverneurs, zakenlieden en vooral soldaten die, als het erop aankwam, zich wisten op te offeren voor de gemene zaak. Degenen die vielen voor Koning en Vaderland en die slechts een beperkt aantal uitmaken van al degenen die zich hebben opgeofferd, waren talrijk.

 

Na de oorlog van 1914-1918 kwam de "Cercle" in een zorgwekkende toestand te verkeren. De wereld van toen kende een economische en sociale crisis en het sociëteitsleven verplaatste zich natuurlijk naar de achtergrond; diplomaten kwamen er niet meer en jongeren stelden zich niet meer kandidaat voor het lidmaatschap, met als gevolg een aanzienlijke vermindering van het aantal leden.

 

III. Heerenhuis aan de Generaal de Gaulle Laan

 

In 1969 stelde zich opnieuw de vraag over de toekomst van de "Cercle". De "Cercle" had bijna geen leden meer. Zij hadden bijna allemaal de Leopold Wijk verlaten en, wanneer zij in de stad kwamen, hadden zij geen parkeerplaats tot hun beschikking. Toen moest elke "membre fondateur" een vragenlijst beantwoorden: moest er worden samengegaan met een andere sociëteit of moest er worden overgegaan tot de aankoop van een nieuw gebouw. Deze laatste oplossing kreeg de overhand en zodoende werd na de verkoop in 1970 van het heerenhuis aan de Kunstlaan de eigendom verkregen van een gebouw gelegen aan de Generaal de Gaulle Laan.

 

De "Cercle" heeft derhalve de ontwikkeling van de stad gevolgd; na de nieuwe Leopold Wijk was deze nu in een meer recente wijk gevestigd: vanaf 1864 had de toekomstige Leopold II zich bezig gehouden met de inrichting van de wijk rond de vijvers van Elsene; hij wilde deze met licht en bomen en vooral wilde hij het zicht op de vijvers beschermen. Daarvoor verwierf hij de eigendom van een terrein gelegen aan de voet van het rondpunt van de Louisalaan om er een openbare tuin van te maken bekend onder de naam "Jardin du Roi".

 

Het gebouw gekocht door de "Cercle", eigendom van Mijnheer Philippe Dulait, was gebouwd in 1910 langs een oude laan die leidde naar de Ter Kameren abdij, eens eigenaar van deze terreinen. Bijna vrijstaand, gelegen in een tuin omgeven door een hek, biedt het zijn Leden de in een stad zo zeldzame luxe van een groen landschap en een onbelemmerd uitzicht op de vijvers van Elsene.

Een uitzonderlijk kleinood voor de voortzetting van een traditie van uitmuntendheid.

 

In 1970 richtte de "Cercle" een Dames Afdeling op.

In 1989 noemde de "Cercle" zich "Cercle Royal du Parc"

 


  

Les 59 Membres-Fondateurs

du Cercle du Parc en 1855

(annuaire de 1858)

 

 

1.       S.A. le Prince de Ligne

2.       Le Baron Léon d’Hoogvorst

3.       Le Baron E. Mertens

4.       Le Comte de Cornelissen

5.       Louis de Buisseret

6.       Le Vicomte de Jonghe

7.       Le Comte H. de Liedekerke Beaufort

8.       Le Baron Emmanuel de Blommaert

9.       Le Comte Thierry van der Straten Ponthoz

10.   Le Baron de Godin

11.   Le Baron Bonaert

12.   Le Baron Desmanet de Boutonville

13.   Jules van Praet

14.   Le Marquis de Chasteleer

15.   Le Comte de Lannoy

16.   Le Comte Léon d’Ursel

17.   Le Baron Jules de Blondel de Beauregard

18.   Le Lieutenant-Général Comte V. de Cruquenbourg

19.   Le Baron A. d’Overschie

20.   Le Comte de Meeûs

21.   Le Comte de Renesse Breidbach

22.   Le Colonel Moyard

23.   Le Baron d’Esbeek dit Vanderhaeghen de Mussain

24.   Le Comte de Lalaing

25.   Le Comte F. d’Oultremont

26.   Le Chevalier de Bousies

27.   Le Chevalier de Sauvage

28.   Le Comte F. d’Oultremont

29.   Le Baron de Dopff

30.   Le Baron de Vrints de Treuenfeld

31.   Le Comte V. de Marnix

32.   Le Comte Octave d’Oultremont de Duras

33.   Le Baron Frans de Wijkerslooth de Weerdesteyn

34.   Le Marquis de Bethune

35.   Le Marquis d’Assche

36.   Le Comte Louis de Merode

37.   Le Baron Van de Woestyne

38.   Le Comte Lud. d’Ursel

39.   Le Comte Paul de Lannoy

40.   Le Comte Aug. d’Ursel

41.   Le Comte d’Assche

42.   Le Baron Idès Snoy

43.   Le Comte Alb. van der Burch

44.   Le Comte d’Andelot

45.   Le Marquis Th. de Rodes

46.   Le Prince Max de Croÿ

47.   Le Baron Ferdinand de Beeckman

48.   Le Comte Alf. de Baillet

49.   Le Prince Em. de Croÿ

50.   Gustave Van den Bossche

51.   Adhémar de Rouillé

52.   Le Comte de Pardieu

53.   Le Comte de Spangen

54.   Le Comte Ign. van der Straten Ponthoz

55.   Le Comte L. van der Straten Ponthoz

56.   Le Comte A. van den Steen de Jehay

57.   Le Prince F. de Croÿ

58.   Le Baron Ivan Osy

59.   Le Baron de Vinck de Deux Orp

 

***

 

Membres du Cercle morts pour la Patrie

 

1914-1918

 

Le Prince Georges de Ligne

Le Comte Wolfgang d’Ursel

Le Comte Henri d’Oultremont

Le Comte de Villermont

Le Comte Ferdinand de Hemricourt de Grunne

Le Baron Charles de Fierlant Dormer

Le Baron Conrad van der Bruggen

 

1940-1945

 

Le Comte Thierry de Briey

Le Comte Yves van der Burch

Monsieur Renaud de Faestraets

Le Baron Baudouin della Faille d’Huysse

Le Comte John de Lichtervelde

Le Comte Guillaume de Liedekerke

Le Baron Lunden

Le Baron René del Marmol

Le Chevalier Eric de Menten de Horne

Le Baron Ferdinand Snoy

Le Comte Gérard d’Ursel